Klimmen is klimmen...toch?

images

Je verwacht het niet, maar in de KlimClassic 2019 gaat geklommen worden. Omhoog rijden is misschien wel het mooiste wat er is met als beloning natuurlijk de afdaling. Voor velen zal het niet nieuw zijn om omhoog te fietsen, toch worden veel renners verrast door de stijgende meters. Is klimmen altijd hetzelfde? Wat kun je verwachten? En waar moet je op letten? Relevante vragen die we hier voor je zullen beantwoorden.

Klimmen is klimmen...toch?

In het profpeloton bevinden zich echte klimmers die zich als een vis in het water voelen tussen de grote jongens zoals de Passo dello Stelvio in Italië of de Col de Madeleine in Frankrijk. Het zal je misschien verbazen, maar dit zijn zeker niet altijd de mannen die ook als eerste boven zijn in het korte, maar venijnige klimwerk, zoals de Ardennen of tijdens de voorjaarsklassiekers. Hoe komt dat?

Er spelen heel wat factoren een rol, maar de belangrijkste factor is de lengte van de klim. In het hooggebergte is het niet uitzonderlijk om meer dan 10 kilometer of zelfs 20 kilometer achter elkaar te klimmen. Dit vraagt om een hele andere inspanning dan wanneer je één, twee of drie kilometer te klimmen hebt. Naast de lengte speelt ook de stijging een rol, wanneer je met een stijgingspercentage van 15% omhoog rijdt zal dit wat anders van je vragen dan wanneer je een klim van 5% oprijdt. Of het nu gaat over de lengte, stijging of een combinatie van de twee, vermogen is het sleutelwoord. Met vermogen wordt de energie bedoeld die we in onze ‘pedalen trappen’ om de fiets vooruit of in dit geval omhoog te bewegen. Een vermogensmeter is behoorlijk prijzig en wanneer je gewoon lekker je rondje wilt rijden is het hebben van een vermogensmeter overbodig. Wat heb je dan aan deze informatie zul je je misschien afvragen? Het is belangrijk te weten dat je met klimmen rekening moet houden met het te leveren vermogen en dat je vooral niet teveel vermogen moet leveren. Aangezien de meeste dat moeten doen zonder vermogensmeter geven we je tips hoe je hier wel rekening mee kunt houden:

  1. Gevoel

Je benen beginnen te branden, je hapt naar adem en je bent halverwege de klim, een teken dat je waarschijnlijk te hard bent begonnen en je zult er verstandig aan doen een tandje lichter te schakelen. Het gevaar van deze methode is dat we onszelf vaak stoerder willen voordoen en daarom dit gevoel negeren. Niet erg wanneer je dat in de finale van een mooie rit doet maar wanneer je nog 100 kilometer te gaan hebt met 1000 hoogtemeters is het verstandiger naar dit gevoel te luisteren. Wetenschappelijk gezien is dit natuurlijk niet erg betrouwbaar, maar zeg nu zelf, wat is fietsen zonder gevoel?

  1. Hartslag

Een vermogensmeter is voor de gemiddelde fietstoerist een stap te ver, wel zien we steeds meer recreanten met een hartslagmeter fietsen. Je hartslag geeft veel informatie over je inspanning en met deze belangrijke informatie kun je je inspanning aanpassen waar nodig. Het is daarom wel handig een aantal zaken van jezelf te weten. Je maximale hartslag en het punt waarop je in het ‘rood’ gaat fietsen, dit noemen we ook wel het omslagpunt. Op een lange klim in het hooggebergte wil je het liefst onder dat omslagpunt blijven. Wanneer je te lang boven dit punt (in het rood) fietst ga je de man met de hamer tegenkomen, oftewel je komt in één keer stil te staan. Op de korte klimmetjes is het niet erg om zo nu en dan gas te geven en wat hoger uit te komen met je hartslag. Hou je hartslag dan wel goed in de gaten en zorg ervoor dat je niet te lang boven je omslagpunt blijft.

De maximale hartslag en het omslagpunt is voor ieder individu verschillend, we kunnen dus helaas niet exacte getallen noemen. Wel kun je redelijk eenvoudig achter deze gegevens komen. De beste manier is een inspanningstest bij een sportfysiotherapeut, maar je kunt  ook zelf een schatting maken..

Voor de maximale hartslag gebruikt men nog steeds de formule 220 - je leeftijd. Dit is bij benadering je maximale hartslag. Vanuit dit getal kun je je omslagpunt gaan opzoeken met een fietstest op je eigen fiets! Zorg wel voor een stuk waar je geen last hebt van verkeer en of stoplichten.

De test:

Rij de eerste 30 minuten lekker warm tot je op 80% van je maximale hartslag zit. Vervolgens ga je iedere vijf minuten versnellen waarbij je hartslag met vijf slagen per minuut stijgt. Wanneer je op het punt komt niet meer te kunnen versnellen en het echt moeilijk krijgt stop je met versnellen en maak je de vijf minuten vol. Het laatste blok van vijf minuten wat je nog volledig onder controle had -8 slagen is bij benadering je omslagpunt.

Gebruik dit getal tijdens het klimmen. Is jouw omslagpunt bijvoorbeeld 170, blijf dan tijdens het klimmen onder de 170. Alleen in de finale van de klim, zodat je na het klimmen kunt herstellen, mag je hier een aantal minuten overheen.

Geniet van de klim!

Klimmen maakt het fietsen interessanter, leuker en geeft meer spektakel aan de fietsbeleving. Je leert niet alleen de fiets beter kennen, maar vooral jezelf. Je hartslag, het vermogen en het gevoel bepalen hoe je boven komt. Terwijl je aan het zwoegen bent onderweg naar boven, besef je dan dat het uitzicht, de afdaling en trots op eigen presteren je beloning zullen zijn. Vergeet daarom niet te genieten van het klimmen.

 

OVER DE MOUNTAIN HIGH CHASERS

De Mountain High Chasers hebben een missie. De 50 meest heroïsche beklimmingen van Europa beklimmen voordat ze 50 zijn. In 2019 doen ze mee met de 16e KlimClassic. Via een blogserie blikken ze vooruit en geven ze handige tips waarmee je je optimaal kan voorbereiden. 

 

KlimClassic gaat niet door op donderdag 21 mei 2020

De organisatie heeft besloten om de KlimClassic niet door te laten gaan op de geplande datum als gevolg van de recente ontwikkelingen rondom COVID-19 (coronavirus).

Lees meer